Ik heb altijd graag gesport en houd mij nu al zo’n 20 jaar onafgebroken bezig met krachttraining. Gaandeweg ben ik steeds meer gaan onderzoeken welke voeding de beste ondersteuning bood bij het opbouwen van de spiermassa. Naderhand verschoof die interesse naar de invloed van voeding op de gezondheid. Door die groeiende interesse heb ik mij bijgeschoold tot BGN-gewichtsconsulent met specialisatie in sportvoeding. Door al het geleerde toe te passen op mijn eigen leefstijl, voel ik beter dan ooit en lijkt mijn gezondheid sterk verbeterd. Dit betekent zoveel voor mij, dat ik dit graag ook op anderen wil overbrengen.
Mijn missie is om een zo groot mogelijke impact te hebben op de gezondheid van inwoners van Den Haag, waarbij ik mij vooral wil richten op de Vruchtenbuurt en andere omliggende wijken van mijn praktijk. Ik wil een bijdrage leveren aan het terugdringen van overgewicht en de chronische ziektelast. Ik hoop in de begeleiding van cliënten ten eerste te bereiken dat zij het inzicht vergroten in de gezondheidsondermijnende rol van (ultra)bewerkte voeding en ten tweede dat zij met hun voeding voortaan makkelijker onafhankelijke en goede keuzes willen en kunnen maken.

Wat kunt u van mij verwachten als persoon? Ik zou mijzelf omschrijven als loyaal, integer, toegankelijk, kalm, doelgericht, en eigenzinnig. Mijn werkwijze zou ik typeren als systematisch en nauwgezet. Ik heb een onderzoekende en kritische houding, wil altijd tot de kern komen, heb een goed analytisch vermogen, en houd er van om structuur aan te brengen. In de begeleiding zal ik altijd duidelijkheid willen bieden, ook als dit een beetje zou schuren. Mensen in mijn omgeving geven aan dat zij altijd weten wat zij aan mij hebben. Ik ben erg gedreven om u te helpen.
Er bestaan veel verschillende opvattingen over wat gezonde voeding is, ook onder de voedingsprofessionals. Maar het huidige paradigma in de voedingswetenschap is echter wel dat van ‘low fat, high carb’. Plantaardige voeding is laag in vet en hoog in koolhydraten, en sluit daarom goed aan op wat gezond wordt geacht voor de mens. Dit is één van de redenen waarom de voedingsrichtlijnen steeds meer plantaardige voeding adviseren. Dierlijke voeding daarentegen is grotendeels vrij van koolhydraten, en juist rijk aan vet. Dierlijke voedingsmiddelen passen daarom minder goed bij de uitgangspunten van gezonde voeding. De voedingsrichtlijnen adviseren daarom steeds iets minder dierlijke voedingsmiddelen te eten.
De huidige dominante opvattingen over gezonde voeding vinden hun oorsprong in een onderzoek van de wetenschapper Ancel Keys dat in 1958 begon, wat tot veel vervolgonderzoek leidde door andere wetenschappers. De bevinding zou zijn dat vet in de voeding, en met name verzadigd vet, tot hart- en vaatziekten zou leiden. Hart- en vaatziekten waren in die tijd enorm in opkomst en de wetenschap was erop gebrand de oorzaak hiervan te achterhalen. Er is naderhand veel kritiek gekomen op het betreffende onderzoek van Ancel Keys, en de uitkomsten van de vele onderzoeken naar het verband tussen vet en overgewicht en hart- en vaatziekten zijn tegenstrijdig en verwarrend. Desalniettemin bleef men vasthouden aan de gedachte dat verzadigd vet de boosdoener is, en is die ook gemeengoed geworden in de samenleving. Nadat Amerika in 1977 voor het eerst officiële voedingsrichtlijnen invoerde, volgden vele andere landen met soortgelijke richtlijnen. De richtlijnen adviseerden met name veel granen, groenten en fruit te eten, terwijl de vetten juist gemeden moesten worden.
Tot vóór het vele onderzoek naar vet in de voeding was de concensus onder wetenschappers juist het tegenovergestelde. De wetenschap verkondigde al tijdenlang dat koolhydraten in de voeding dikmakend zijn. Tegenwoordig wordt deze oude wetenschap door een groeiend deel van de professionals weer opgepakt en nieuw leven ingeblazen. U kent deze benadering van goede voeding misschien onder de naam koolhydraatarm of ‘low carb’. In klinisch toegepaste vorm heet het therapeutische koolhydraatbeperking of ketogene metabole therapie. Uitkomst van onderzoek wat hiernaar wordt gedaan, is dat dit enorm effectief kan zijn in het bestrijden van vele lichamelijke aandoeningen, zoals diabetes type 2, hart- en vaatziekten, obesitas, hypertensie, PCOS, nierfalen, botontkalking, darmontstekingsziekten, reumatoïde artritis, maar ook mentale aandoeningen, zoals depressie, angststoornissen, bipolaire stoornis, autisme, en ADHD. Het is opmerkelijk dat dit goede nieuws zich nog niet met grote snelheid verspreidt onder de mensen.
Vanuit ervaring met de voeding bij het bodybuilden had ik zelf al uitgevonden dat het mijden van koolhydraten noodzakelijk is om op een zo laag mogelijk lichaamsvetpercentage uit te komen en tegelijkertijd de spiermassa zoveel als mogelijk te sparen. Vanuit die kennis en ervaring ben ik in de wetenschap gaan zoeken naar de verklaring hiervan. Die zoektocht leidde uiteindelijk tot de conclusie dat niet vet de boosdoener is van overgewicht en ziekte, maar suikers en geraffineerde (bewerkte) koolhydraten. In mijn ogen is een mate van koolhydraatbeperking voor de meeste mensen met overgewicht en/of (chronische) aandoeningen dé oplossing.
Dat zit zo. In de jaren 70 van de vorige eeuw is de obesitas- en diabetesepidemie begonnen. Momenteel hebben 1 tot 1,5 miljoen Nederlanders diabetes type 2. Nog meer mensen verkeren in het voorstadium hiervan, prediabetes. Mijn gedachte is dat de sleutel voor het bestrijden van deze epidemie ligt in datgene dat in staat is om diabetes om te keren, omdat diabetes het eindpunt is van een verstoorde vetstofwisseling. Deze verstoorde vetstofwisseling is de stofwisseling die steeds wordt teruggevonden bij mensen met overgewicht en chronische ziekten. Meer dan de helft van de mensen in Nederland heeft overgewicht en 60% van de mensen heeft ten minste één chronische aandoening. We doen kennelijk massaal iets verkeerd. Het westerse voedingspatroon lijkt een logische verdachte, aangezien bijna alle westerse ziekten niet worden aangetroffen bij inheemse volkeren die nog een traditioneel voedingspatroon hanteren, zoals de Masai, de Inuit, en de Hadza’s.
Diabetes wordt vastgesteld aan de hand van verhoogde bloedsuikerwaarden, maar logischer zou zijn om in plaats hiervan naar verhoging van de insulinespiegel te kijken. Insuline is namelijk het hormoon dat de alvleesklier aanmaakt in reactie op een verhoging van de bloedsuikerspiegel. En de belangrijkste bijdrager aan het verhogen van de bloedsuikerspiegel is voeding in de vorm van koolhydraten, met name in geraffineerde vorm. Het mechanisme is enorm complex, maar als er sprake is van een langdurig verhoogde inname van koolhydraten in de voeding, groeit de weerstand van de lichaamscellen tegen het hormoon insuline. Dit wordt insulineresistentie genoemd. U kunt een bepaalde mate van insulineresistentie hebben, maar nog wel een redelijk goede bloedsuiker hebben. In reactie op die insulineresistentie maakt de alvleesklier namelijk gewoon meer insuline aan, zodat de bloedsuiker toch nog redelijk goed verlaagd wordt. Bij voortduring van o.a. een verhoogde inname van koolhydraten in de voeding, raakt de insulinespiegel zo steeds verder verhoogd. Dit wordt hyperinsulinemie genoemd. Omdat insuline meerdere functies heeft en lokaal het ene lichaamsweefsel niet resistent is en het andere wel, heeft dit veel en grote gevolgen. Op het weefsel dat niet insulineresistent is, vindt er overexpressie van insuline plaats. Bij vrouwen met polycysteus ovarium syndroom (PCOS) bijvoorbeeld, zorgt die overexpressie van insuline op cellen in de baarmoeder dat het enzym aromatase, dat betrokken is bij de omzetting van testosteron naar oestrogeen, sterk wordt geblokkeerd. Dit leidt tot het uitblijven van de eisprong, wat de vruchtbaarheid aantast. De link tussen insuline en mentale aandoeningen bijvoorbeeld, is dat als de bloed-hersenbarrière insulineresistent wordt, de hersenen in een energiecrisis komen, wat tot verschillende cognitieve klachten kan leiden. En de link tussen insuline en overgewicht is dat insuline het lichaam in een toestand van vetopslag brengt en de vetverbranding blokkeert. Als gevolg hiervan krijgen de lichaamscellen te weinig energie en zal het energieverbruik dalen, en worden de hongergevoelens sterker aangewakkerd. Geen wonder dat mensen met overgewicht vaak ervaren dat niks lijkt te helpen om tot een gezond gewicht te komen.

De oplossing voor insulineresistentie en hyperinsulinemie is een interventie die u weer gevoeliger laat worden voor insuline. Er zijn verschillende leefstijlinterventies mogelijk, zoals voldoende slaap, en meer ontspanning, maar mijns inziens is een koolhydraatbeperking verreweg de meest effectieve methode. In mijn voedingsadvies werk ik hier veel mee. Een koolhydraatarm voedingspatroon is vaak een oplossing om overgewicht en ziekte te bestrijden, vertraagt daarnaast ook nog eens de veroudering, en is beter in staat om de vetvrije massa in stand te houden. Wie wil deze alles-in-één oplossing nou niet?
In de zorg krijgen veel mensen te horen dat hun bloedsuiker goed is, en/of dat de ziekte of klacht idiopathisch (=niet direct verklaarbaar) is. Weest u zich er van bewust dat de criteria voor een verhoogde bloedsuiker niet strikt genoeg zijn, en er door artsen nooit naar de insulinegevoeligheid wordt gekeken. Aan diabetes type 2 gaat zo’n 20 jaar van toenemende stijging van de insulinespiegel vooraf, die zo wordt gemist.
Let er op dat ik niet pretendeer uw aandoening te gaan behandelen. Bij een aandoening moet u behandeling zoeken bij een specialist. Maar het is natuurlijk volstrekt logisch om te onderzoeken of verandering van uw voedingspatroon zou kunnen leiden tot vermindering van uw klachten. Hiervoor wil ik u van harte welkom heten in mijn praktijk.